1. Homepage


2. Camperreizen:
Griekenland
      2001  (Peleponessos)
      2005  (Noord - Zuid)
      2009  (Noord)
      2012  (Peleponessos)

Noorwegen
       Noordkaap 2004
       Noorwegen 2014

Frankrijk (route Grandes Alpes)

       2008 (+route Napoleon)
       2012

Spanje

       Spanje 2007
       Spanje 2010

Overig
       Schotland 2006
       Italië 2006

       Kroatië 2013

3. Campertips
       Beginners
       Gevorderden
       Noodnummers

4. Overig:
       Linkpagina
       Privé

5. Kippensite
       Info
       Pagina 1
       Pagina 2

6. Gastenboek

7. Contact


Opstapkip - Camperreizen. Site voor Camperreizen met camper/kampeerauto of voor een enkele camperreis.Camperliefhebbers vinden hier alles van hun gading. Plannen van reizen, reisinformatie. Met de camper reizen naar Noorwegen, met de camper de Noordkaap bezoeken, via Finland en Zweden. Met de kampeerauto door Griekenland, met de camper naar Italie;, rondreis via de Route des Grandes Alpes of Route Napoleon, rondreizen naar Schotland, of met de camper Spanje doen. Camperreizen/camperrondreis Europa. Rondreizen door Belgie, Duitsland, Frankrijk. Eindeloos dwalen. De Reis is het doel. Ook Servie en Kroatie.Naar de Noordkaap of het zuiden van Griekenland, naar de laars van Italie of het binnenland van Spanje. Over de hoogvlaktes in Spanje, langs de fjorden van Noorwegen, overnachtingsplekken en overnachtingsplaatsen. Reisroutes en foto's van onderweg ScandinaviŽ: Zoek een overnachtingsplaats of of een overnachtingsplek op een fjell, aan een fjord. Aan een haventje of kade. Rij langs fjorden over de (noord)poolcirkel, langs het sognefjord, door het laerdal, of hemsedal waar u een prachtige staafkerk vindt.



Reis naar het hoge Noorden

 

Ontdekkingstocht in Noorwegen (dl.3)

Moerasbever en eland
De weg terug beginnen we op weg nr. 17. Het is hier kiezen tussen de drukkere E6 en de mooie kustweg nr. 17.De eerste hadden we op de heenweg, de tweede deels tien jaar geleden. Het stuk tussen Mo i Rana en Bodø (ja, in die richting) reden we toen over de E6, zodat het eerste gedeelte wat we nu beginnen nieuw is. Op de kaart te zien zal dit veel kustweg zijn, en dus ook een aantal veerponten zal inhouden.
Een stukje onder Bodø is er de beroemde Saltstraumen, een hele steke maalstroom. Als een geweldige gootsteenafvoer ligt er - precies onder de brug over het water heen, uiteraard het smalste punt - de doorgang van een brede achterliggende fjord naar de oceaan. Twee keer per dag wordt het eb en wil de fjord leegstromen. En evenzo wordt het twee keer per dag vloed (hoe bestaat het hè?) en wil ze vol stromen. Dat gebeurt precies op dit smalle punt met geweldige krachten en ultieme snelheden. De Saltstraumen staat bekend als de snelste getijstroom ter wereld. En elke keer zet de stroom zich in beweging, wordt steeds sterker, tot ze de snelheid van 30km per uur bereikt. In het midden een brede stroom en aan beide kanten woest kolkende massa's. Wanneer het doodtij is valt de stroom stil om zich even later in de andere richting te gaan bewegen. Een spannend avontuur. Een natuurlijke whirlpool. Hoewel, niet aan te bevelen…














Het is duidelijk dat deze wisselende stroming invloed heeft op de visstand en dientengevolge op de vogels. Veel wordt er aan- en afgevoerd. Dat vinden ook degenen die het wagen met een speciale boot mee door die stroom heen te varen. Je ziet - veilig vanaf de kant - de krachten zich bundelen om de boot te weerhouden er doorheen te gaan, de bestuurder waagt zich niet aan de zijkanten met de woeste draaikolken, maar scheert er rakelings langs tot afgrijzen van sommige bootgasten. Of laat zich meedrijven in de brede maalstroom, uiteraard om het angsteffect in de boot te vergroten.
De weg vervolgend zien we ineens een aantal auto's stilstaan. Er blijken twee elanden aan het grazen te zijn, tijd voor een fotostop dus. Een mannetje en een vrouwtje. Deze morgen hebben we ook al een bijzonder beest gespot in de droogvallende kreek. Het was een moerasbever oftewel beverrat.

Alleen onder de wereld.
De weg naar het zuiden over de E17 volgt elke keer weer het water. Machtig rijzen elke keer de bergen omhoog, diep grijpen de fjordarmen het land in. Soms kunnen we met een hoge brug eroverheen, soms moeten we de veerboot nemen. Er zijn in dit gebied nogal wat veerboten nodig, de ene zet ons in tien minuten over, de andere duurt een uur. Die lange veerboottocht was overigens een schitterende fjordentocht. Onderweg zien we ergens langs de kant een wereldbol staan. Wie zou die daar neerzetten, denken we nog. Later blijkt dat we op dat punt juist weer de poolcirkel passeerden. Hier dus geen groot centrum, geen kerstman en verkoop van prullaria, gewoon even opletten en de boodschap weer oppakken: hierboven steekt de wereld net even iets ander in elkaar dan hieronder.
Hoewel, dat verschil merken we nog niet. Voorlopig blijven de nachten nog licht, zeker op het moment dat we gaan slapen. Maar geografisch gezien is er vanaf nu in de nacht weer één moment (hoe klein dan ook, maar dat zuidelijker steeds langer zal worden) waar de zon deels of (zuidelijker) helemaal onder de horizon verdwijnt.
Naast veerboten is men in Noorwegen er ook handig in om de weg af te snijden met tunnels. Maar let op, want er zijn nog maar weinig tunnels volgens de tegenwoordige Europese normen gemaakt. Gewoon een gat in de bergen, hier en daar een schemerlamp en u kunt er langs. Nou ja, langs..., één van de tunnels had een lengte van ruim zeven kilometer. Je bent dan wel even bezig, maar hebt het rijk alleen. Stukken waar je voor je en achter je meestal niemand ziet. Alleen onder de wereld. Het geeft de rust aan, die op deze wegen heerst. Even verderop nog weer eens een stuk van elf kilometer. En weer bijna alleen op, verbeter, onder de wereld. En de langste straks is zelfs 24 kilometer. En dan nog de vele kortere. Bij elkaar hebben we van de 7000 kilometer die straks op de teller zullen staan er zeker wel 100 onder de grond doorgebracht.

Loterij
Vervolgens moeten we een ontzettend eind om de Sjonafjord heenrijden in de richting van Sandnessjøen. Maar langs het water, dat boeit altijd. Langs de noordelijke oever rijdend zien we aan de overkant al de hoge rotsen van de Sjonfjellet. Tien jaar geleden stonden we daar op de parkeerplaats, dus rijden we daar nu weer heen. Het is net als vroeger, een magnifiek uitzicht. Met het heldere en droge weer dat we treffen kunnen we heel ver zien.



Al gauw blijkt dat we niet de enige zijn die daar overnachten. Net als tien jaar geleden komt er eerst nog een busje staan en ontmoeten we ook weer fietsers, maar de mooiste ontmoeting is er met een echtpaar uit NL. Zoals vaker raak je al gauw aan de praat, het gesprek gaat o.a. over gasflessen. En ik zeg dat ik nog een lijst heb met vulpunten in Noorwegen. Op de website uiteraard. Dus ik sta even te zoeken en aarzelend komt de vraag: hebt u een eigen website en hoe heet die dan. Als het woord Opstapkip valt, valt het kwartje en blijkt de ander één van degenen geweest te zijn die me al even geleden vroeg naar de overnachtingsplekken van die reis en die met die lijst deze reis was begonnen. Zodoende stonden zij nu hier. En wij ook. Het complete verslag van de website hadden ze bij zich en onderweg bekeken ze steeds wat ik allemaal geschreven had. Kennelijk hadden ze het allemaal goed bestudeerd, want ze wisten precies te noemen waarover ik wat had geschreven en wat we hadden gezien. Uiteraard is een hele reis precies narijden niet mogelijk (vooral omdat we destijds nog geen GPS-coördinaten konden noteren en sommige omschrijvingen misschien te weinig precies waren).
Wel heel apart een dergelijk ontmoeting, ook als we elkaar in de loop van de avond nog enkele keren spreken. En zo toevallig dat zij deze weg van toen vervolgen en wij op ditzelfde moment deze camperplek weer aandoen. Ik weet wel dat ik - als iemand mij mailde om wat gegevens - wel eens schreef: laat nog eens wat horen. Nou, dat is hier dan letterlijk vervuld. Zonder dat we wat afspraken.. Zo kun je het niet eens organiseren, je wint nog makkelijker, zo vertelde mijn buurman, een lot uit de loterij.
Al met al een prachtige avond hier boven op de Sjonfjellet waar de zon zich nog lang laat zien en de stilte zo voelbaar wordt. Hoewel het blijkbaar wel een begerenswaardige plek is om even naar toe te gaan, gelet op de vele mensen die even hierboven komen kijken. Het uitzicht is ook uniek, het zicht juist nu bijzonder helder.














Petter Dass
De volgende morgen is het weer ineens weer een stuk minder. Zoals zo vaak. En iedereen die je spreekt over de Lofoten, weet alleen met een nog rillerige houding uit te brengen hoe koud het er was. Uiteraard hoort het bij Noorwegen, maar mooie dagen zijn er ook vele. Behalve in deze vakantie kennelijk. Ja, dan was dat echt genieten gisterenavond op die Sjonfjellet.
De reis gaat verder langs de beroemde kustweg, de "Kystriksveien". Steeds weer langs het water, soms erover, via boot of brug. Prachtige staaltjes van bouw, die bruggen. Vooral omdat de boten van de Hurtigroute eronderdoor moeten. We zijn niet de enige camper. Het aantal campers is schrikbarend toegenomen, al zullen verkopers liever een ander woord in de mond nemen. De toename van campers brengt ook een toenamen van behoeften aan inlaat- en uitlaatplaatsen (schoon en vuil water, toiletten, afval) met zich mee. Eerlijk gezegd petje af voor Noorwegen. We komen er niets tekort. Op vele plaatsen kunnen we zomaar water tanken. Het lijkt wel gratis te zijn. Maar de toename van het camperpubliek brengt ook meer tegenmaatregelen met zich mee, verbodsplekken bijvoorbeeld. Al is het volgens mij de vraag of een uitgeprint papiertje met een verbod en zelfs een dreiging van boete erop rechtsgeldig is. En de discussie zal wel altijd blijven of je op een plek waar staat: no camping, mag blijven slapen. Met een personenauto parkeren en erin slapen (wat ook gebeurt) is niet kamperen en met een camper stilstaan en even een tukje doen is ineens wel kamperen. Nou, echt kamperen is volgens mij wat anders.
We hebben de plaatsen waar zulke handgemaakte verboden waren maar omzeild en vonden toch elke keer weer een plekje. Totnutoe stonden we nog maar één keer op een camping en één keer op een betaalde camperplek. Ruimte genoeg dus nog. Deze kustweg is er niet een om op de snelste manier verder op te komen. Maar liefst zes (of zeven, afhankelijk van hoe je rijdt) veerpassages wachten ons. Twee hebben we er inmiddels achter de rug. Nog vier te gaan dus. Soms een korte tocht, soms een uur lang, met ook nog tussenstops in andere havens. Al gaande en varende ontdekken we dat er een planboekje van is, daarin vinden we o.a. de vertrektijden, wat soms handig kan zijn om niet een paar uur te moeten wachten.
Het valt wel op dat er een behoorlijk prijsverschil is tussen campers onder en boven 6 mtr. Voor die zes veerboten samen betalen de campers van zes tot zeven meter al rond de 800 NOK oftewel ongeveer 100 Euro meer. Overigens kwam ik er - te laat - achter dat er vaak ook een verlaagd tarief was voor mensen boven de 65. Tja....
Aan boord treffen we soms dezelfde mensen omdat er niet veel andere wegen zijn.
We varen over naar Sandnessjøen. Hier moeten we even wat regelen om weer een verbinding via de Noorse simkaart met de ipad te hebben. Net onder Sandnessjoen ligt een schitterende bergrug, de zeven zusters. In het verslag van 2004 vertelde ik erover, toen lagen ze prachtig in de zon. Nu zijn ze helaas nauwelijks te zien door de laaghangende bewolking. Verder vinden we onderweg plekjes genoeg waar we even stoppen voor een fotostop of koffiepauze. Al met al een prachtig reis langs deze Kystriksveien, na elke bocht een ander uitzicht en de boottochten zijn grandioze fjordentochten. Wel zijn de fjorden hier anders dan in Zuid-Noorwegen, daar zijn de wanden steiler, de bergen hoger. Niettemin verveelt het nooit.
Op het eiland waarop Sandnessjøen ligt (met Allstahaug als hoofdplaats) wordt nogal de nadruk gelegd op een zekere Petter Dass (1647-1707). Hij was bekend als dichter-dominee die een hart had voor het harde leven van vissers en boeren. Hij wordt gerekend tot een van de bekendste dichters uit die tijd, die een cultuurbepalend beeld schiep. In Allstahaugh is een interessant museum aan hem gewijd. Hij probeerde ook de Bijbelse boodschap duidelijk aan het volk over te brengen, o.a. door liederen. Zo was hij misschien wel de eerste predikant die de Catechismus (leerboek van de kerk) berijmd heeft, waardoor mensen op eenvoudige wijze dingen konden onthouden. Een welkome onderbreking!




Koning op jacht
We komen bij de volgende veerboot aan. De tocht zal een uur duren, waarbij kort aangelegd wordt in een tussenhaven. We komen dan op een kuststrook waar na 17 km de volgende veerboot wacht. De meesten rijden dan ook in een keer door en pakken de volgende boot. De tijd was rijp om te stoppen en daarom zoeken we op dit gedeelte een plek, dit keer geen vrije plek, maar een eenvoudige camperplek, zonder sanitair, maar wel met loos- en inlaatpunten. En direct aan zee.
Wanneer we opnieuw overvaren rijden we richting Brönnöysund. Een behoorlijke grote plaats, maar qua cultuur niet direct interessant. Dat zijn de Noorse plaatsen over het algemeen niet. Maar we willen graag nog een keer dit schiereiland verder op rijden om het beroemde gat-in-de-berg, Torghatten te zien. Even na Brönnöysund ligt er weer zo'n architectonisch geweldige brug. Hoog om de Hurtigrute-boten erdoor te laten en dit keer met een geweldige slinger. Een lust om de berijden. En te fotograferen (zie hierboven). Dan naderen we de beroemde berg. De vorige keer schreef ik er al uitvoerig over en gaf een aantal foto's weer. Ook ditmaal loont de klim naar boven en hoor je iedereen hijgen en puffen en vinden het enkele welletjes als ze vlakbij het gat zijn. Het mooie is juist erin te gaan, naar de andere kant af te dalen en het prachtige uitzicht te genieten. Onvergetelijk en ook onbegrijpelijk hoe dit heeft kunnen ontstaan.



  Bij het gat aangekomen (bovenin) weer diep afdalen           Kijkje door het gat heen van bovenaf                                 Uitzicht naar beneden

Het verhaal gaat dat de Troll Hestmannen eens op een avond zeven zusters plus nog een schoonheid, (u weet wel, van die bergen onder Sandnessjøen) zag lopen, waarvan de mooiste zich juist in het meer aan het baden was. Hij wilde haar hebben en haar te middernacht roven. De jonge maagden merkten het en vluchtten, werden moe en vielen bij Alstahaugh op de grond (waar ze nog liggen, weet u wel, die bergen). Alleen de schone Lekamoya vlucht. De koning van de bergen ziet hoe de Troll zijn pijl en boog spant, als hij schiet gooit de koning zijn hoed (hatten, in het Noors) en die valt bij Torgar naar beneden. Pats, een gat in de berg.
Die koning toch!

Byneset
Langs prachtige fjorden en inhammen, waar we soms een kwartier omheen moeten rijden, vervolgen we onze tocht. En elke keer vinden we ergens weer een klein plekje om de nacht door te brengen.
Een kleine aanlegsteiger trekt onze aandacht. We vinden er plaats, geen mens te bekennen. Een poosje later zien we ineens iemand. Waar komt die vandaan, zo vragen we ons af. Wellicht van een van de bootjes, zo denken we, hoewel we niets zagen. Na een poosje keert hij terug, een oudere man, zwart pak, stropdas, hij stapt in een van de bootjes, de motor wordt gestart en in no time verdwijnt hij in de verte, de haren wapperen, de kleren fladderen en wild splijt het water voor het kleine bootje uit. Het lijkt alsof hij recht op een eilandje afstevent, maar tussen twee eilanden is net genoeg ruimte om op maximale snelheid door te varen. op weg naar de overkant. Even op bezoek geweest. Bij de buurman. Of buurvrouw. Over-, dan wel te verstaan… Voor het eerst merken we trouwens dat het na twaalven weer wat donkerder begint te worden. We komen weer wat meer in de gewone wereld.
Bij Foldereid besluiten we toch de 17 te verlaten, omdat deze de kust niet meer volgt. We rijden nu weer richting de kust via weg 770. Dit zijn wegen die goed te berijden zijn en waarop je weinig vakantiegangers ziet. Sowieso is het rijden hier een verademing. Urenlang kun je rijden zonder iemand achterop te komen of ingehaald te worden. Tien jaar geleden schreef ik dat de Noren altijd achter je bleven, hoe hard je ook reed, men had de tijd en nam de tijd. Het is er nog steeds, maar wel minder. Bij Hofles moeten we nu overvaren, maar dat valt deze keer tegen. We komen aan op het moment dat de boot precies wegvaart. We wisten de afvaartstijd wel, maar onderweg was er een weg wegens asfalteringswerkzaamheden gesloten en moesten we omrijden. Wachten is meestal niet zo erg en ook nog eens heerlijk aan het water, maar het weer was niet erg gunstig en bovendien bleken we twee uur te moeten wachten.
Aan de overzijde werd het dan ook even stevig doorrijden. We hoeven nog niet naar huis, maar willen zuidelijker nog wat uitstapjes maken en moeten daarom eerst wat kilometers maken. We rijden nu door, passeren Namsos en gaan niet via de E6 naar Trondheim, maar via weg 720, langs Malm. Nu gaat het langs het schitterende Beitstadfjord, een enorme brede watervlakte met een smalle weg er langs. Passeren kan er nauwelijks, wel zijn er veel passeerhavens. Overigens zijn er langs deze weg niet veel parkeerplekken om te overnachten te vinden, maar de enige die we tegenkomen is goed en biedt aan enkele campers plus fietsers die een tent opzetten een plek voor de nacht. Dat verbroedert ook. Een van de campers hebben we inmiddels al enkele keren gezien.
Hoe gevaarlijk het trouwens op smalle wegen kan zijn hebben we onderweg ook nog een keer meegemaakt, toen er ineens een opstopping was. Bleek dat er een camper met zijn wielen net naast de weg had gereden, kennelijk om iemand te passeren en daarbij was hij in de greppel terechtgekomen en lag helemaal schuin. Oei, denk je dan, wat een toestand als je dat overkomt. Takelwagen versieren? Einde vakantie? We hopen dat het bij het ene pechgeval van ons (de kapotte band) blijft.
We zoeken de volgende morgen de veerpont naar Trondheim op, opnieuw moeten we omrijden (er wordt heel veel aan de weg gewerkt in Noorwegen!) en we zijn dit keer gelukkig net op tijd bij de veerhaven. Aan de overkant aangekomen rijden we ver om Trondheim heen en zoeken eerst het kerkje van Byneset weer op, waar we eerder ook overnacht hebben, om koffie te drinken. Een lekker rustig plekje. We besluiten dan om eerst kilometers te maken via de E6 om daarna, een stuk zuidelijker nog een paar prachtige wegen op te zoeken die ons over grote hoogten zullen voeren.

Trekharmonica
De E6 is - zeker in het begin - best druk, de toegestane snelheden wisselen constant en maar af en toe is er gelegenheid, met een dubbelbaans stuk, om bijvoorbeeld vrachtverkeer in te halen. Met nog 500 km op de borden tot Oslo beseffen we dat we nog heel wat te gaan hebben. Niettemin voert ook deze weg door schitterende stukken van Noorwegen. Door smalle en brede dalen, langs woest kolkende riviertjes, over de Dovrefjell. In Oppdal houden we een wat langere pauze. Zoals zoveel plaatsen zijn de woonkernen cultureel nauwelijks interessant. Een druk dorp, echt een wintersportplaats, maar verder geen bijzonderheden. We tanken diesel, zoeken water. Dat hebben we allebei regelmatig nodig en is gelukkig ruimschoots voorhanden. Het valt ons op dat we bij veel tankstations, als we er vriendelijk om vragen - gewoon drinkwater kunnen bijvullen. Bij Otta gaan we weg 15 op. We naderen zo opnieuw een spectaculair stuk van Noorwegen. Het Ottadal - genoemd naar de rivier die in Otta uitkomt en waar we stroomopwaarts langs gaan rijden - is opvallend verschillend van de overige dalen in Noorwegen. De typisch gekleurde huisjes die we overal aantreffen hebben ineens plaats gemaakt voor huizen, boerderijen en stallen in alleen maar een eentonige donkere kleur bruin. Als we Lom naderen valt het opkomende toeristendorp op door de opvallende bruine kleuren. In het midden pronkt overduidelijk een staafkerk, een van de 28 nog bestaande, een prachtexemplaar dat dankzij restauraties behouden is en het waard is - ook van binnen, tegen betaling - te bezoeken. Busladingen toeristen worden dan ook uitgelaten en krijgen een fotomoment om vervolgens weer snel te verdwijnen. Zo gaat dat.



Voorbij Lom klimmen we langzaam verder. We rijden door het dorp Bismo, wat bekend schijnt te zijn van de trekharmonica. Wanneer we een onafzienbaar terrein vol met caravan en campers voorbij rijden vermoeden we dat daar een of andere festiviteit gehouden wordt. Verder ontdekken we er niet veel van en we zijn het dorp voorbij voor we er erg in hebben. Langzaam gaat de weg omhoog. De bebouwing wordt steeds minder.We staan stil bij de waterval Polfoss, al lijkt het meer op geweldige stroomversnellingen dan een echte waterval. Het hoogteverschil van 81 meter is dan ook over een behoorlijke lengte uitgebreid.
In Grotli kunnen we weg 15 vervolgen en via veel tunnels richting Stryn rijden, maar dat willen we juist niet. De hiernaast getoonde gletscher hebben we ook ergens op de fot gezet. Met mijn moderne camera (oude ging net voor de vakantie kapot....) kun je naast de foto ook gegevens zien zoals de plek waar dit is opgenomen. Soms erg handig. Maar soms denk je: zoveel gezien, we kunnen ook niet alle onthouden. En indien wel, waar is dat voor nodig? Geniet gewoon even van de prachtige sfeer, dat meer, die vissers en die machtige gletscher. Prachtig toch?

Japanse fotomodellen
We gaan de Strynfjellet beklimmen, het ruige werk. Nog maar net zijn we van de doorgaande weg of het asfalt houdt op en zal de komende twintig kilometers niet meer terug te zien zijn. Een weg met steenslag en gaten, aanvankelijk door een terrein met zomerhuisjes, dan wordt het kaler en stiller en hoger.
De bergen om ons heen zijn nog grotendeels wit, ijskoude meertjes, waarin alle smeltwater verzameld wordt liggen er rimpelloos bij en weerspiegelen weergaloos de bergen eromheen.
Om de haverklap staan we stil om foto's te nemen of om iemand te laten passeren. Hoewel er slechts weinig verkeer is en we ook nauwelijks campers tegenkomen, moet je elke keer even bij een uitwijkplaats stoppen. Dat hier niet meer verkeer te vinden is, zo vraag je je af. Dit moet je toch zien, hierboven de stilte ervaren. Elke keer als we stil staan en de motor uitstaat komt die oorverdovende stilte weer op ons af. Met op de achtergrond vaak nog net dat ruisende water dat overal onder sneeuwhopen tevoorschijn komt. Boven aangekomen zien we de waterscheiding, het ene vormt de rivier de Otta, het andere gaat richting Stryn en komt in het fjord daar terecht.
Al gauw valt de mooie gewoonte van Noren (en anderen op) om overal kleine torentje van stenen te bouwen. Eerst een, dan nog een, nog veel meer. Kennelijk werkte het aanstekelijk, want even later zie je bij elke uitwijkplaats (die ook dienst doen als fotografieplek) er meerderen staan.
In gedachten zie je de kinderen huppelen om met hun fantasie een nog mooier torentje te bouwen. Bij grotere parkeerplekken staan er soms wel tientallen. In de loop van jaren neergezet. De tand des tijd doorstaan.
Over het hoogtepunt heen gaat het in vele haarspeldbochten vrij steil naar beneden. In de lage versnelling rijden we vaak niet veel harder dan 30, 40 km per uur. Meer is niet nodig. Met de vele stops erbij doen we over deze weg veel langer dan we eigenlijk dachten. Maar dit was het ultieme genieten, ook vanwege het rijden op dergelijke wegen.
Onder aangekomen gaan we nu een totaal andere richting in dan dat we op huis aan zouden gaan. We rijden richting Geiranger. Opnieuw een schitterende weg, hoewel geasfalteerd en bestemd om lekker door te rijden. Vele tunnels en veel klimwerk. op 1030 meter komen we even later op het hoogste punt uit.
Hiervandaan is er een tolweg die naar 1495 meter gaat. Het schijnt daar een verrukkelijk uitzichtpunt te zijn, maar omdat we een slaapplaats voor de nacht zoeken doen we dat niet meer. Als we - afdalend naar Geiranger - op een geweldig uitzichtpunt over de plaats en de fjord terecht komen besluiten we daar te blijven staan.
Aanvankelijk is het er nog druk, met busladingen tegelijk komen velen een foto nemen. Vaak vermakelijk om te zien.
Vooral een buslading Japanners. De ene helft gaat tegen het hekwerk als fotomodel staan om dan later meer gezicht dan uitzicht op de foto te zien, de andere helft fotografeert. En even later wordt er geruild. En dan moeten ze nodig de bus weer in. Of het een mooi punt was? Dat zien we thuis dan wel. Hoewel, wat trok je een raar gezicht, Ling Yan…
Anderen stonden er langer stil, getuuige die geluksslotjes. Banden van liefde werden hier vastgelegd.
Wij stonden er een hele nacht. Maar ook niet alleen om te kijken....
Top - Volgende pagina
5